terug

Duurzame GFT-verwerking: lokaal of regionaal?

Groente-, Fruit- en Tuinafval (GFT) wordt gemeentelijk of regionaal apart ingezameld om daarna te vergisten of te composteren. Doorgaans gebeurt dat grootschalig en machinaal met de nodige CO2-uitstoot. Momenteel ontstaan er steeds meer kleinere initiatieven voor lokale verwerking, zoals wormenhotels. Is kleinschalige inzameling en lokale gft-verwerking hét alternatief voor de toekomst? 

Het grootste deel van GFT bestaat momenteel uit tuinafval. Nog ruim een derde van het resterende huiselijk afval bestaat ook nog uit GFT. Een verder verbeterde gescheiden inzameling biedt grote kansen voor verwerking tot een waardevolle toepassing. Denkt u bijvoorbeeld aan GFT als grondstof voor grondverbetering. De verwerking van groenafval is echter niet zonder beperkingen en risico’s. Zo zijn er problemen met het inzetten van compost als bodemverbeteraar vanwege de resten plastic die zich hierin bevinden. Daarnaast zorgen eventuele vleesresten voor sterke eisen aan de verwerking van het materiaal. Dit zorgt ervoor dat er vaak nog extra nabewerking noodzakelijk is voordat het product veilig ingezet kan worden. 

Grootschalige verwerking van GFT 

Het gros van al het gescheiden GFT-afval wordt gemeentelijk of regionaal ingezameld en verwerkt in grote vergisters of composteermachines waar al dan niet gebruik wordt gemaakt van het machinaal keren van deze compost. Bij het vergistingsproces komt biogas vrij, wat als alternatieve brandstof kan dienen voor bijvoorbeeld transport of compostering, maar ook als alternatief voor aardgas in huishoudens. Het composteerproces levert uiteraard compost op en dat biedt mogelijkheden als bodemverbeteraar. 


Professional in de openbare ruimte? Dan lees je Stadswerk Magazine!


Met het VANG-programma (Van Afval Naar Grondstof) richt de rijksoverheid zich in samenwerking met de VNG en branchevereniging NVRD op het verminderen van huishoudelijk afval, en op een hoogwaardige manier inzetten van deze reststromen. Zo maken gemeenten stappen richting een meer circulaire economie. Maar is grootschalige GFT inzameling überhaupt duurzaam als we alle kosten en baten in ogenschouw nemen? Is kleinschalige inzameling en lokale verwerking wellicht een volwaardig alternatief? 

Kleinschalige initiatieven: het wormenhotel uitgelicht 

In Amsterdam wordt momenteel succesvol geëxperimenteerd met de inzet van wormenhotels; er is inmiddels een groot aantal geplaatst. Begonnen als lokaal burgerinitiatief, worden wormenhotels nu in meerdere steden met enthousiasme geplaatst en gebruikt als kleinschalige oplossing. Doordat de kosten met een groep bewoners gedeeld kunnen worden, is het initiatief relatief laagdrempelig. Bovendien levert het ook nog zeer vruchtbare compost op, geschikt voor eigen gebruik op het balkon, in huis of in de gedeelde ruimte. Mooie kleinschalige initiatieven met een belangrijke sociale component. 

Wormenhotels zijn minder geschikt om tuinafval te verwerken en het is de vraag of ze in drukbevolkte gebieden met hoogbouw en minder sociale controle op hun plaats zijn. De wet- en regelgeving lijkt nog niet volledig aangepast te zijn op deze ‘nieuwe’ methoden, en er is een zekere betrokkenheid voor nodig om een dergelijk initiatief te laten slagen. Peter Jan Brouwer, medeoprichter van Stichting Buurtcompost en aanstichter van de verspreiding van het initiatief ziet tal van voordelen: ‘Wormen verbinden, bovendien leert het mensen bewuster om te gaan met het afval dat ze produceren. Zo kunnen we samen een beweging maken van afval naar waardevolle grondstof.’ 

Upcycling van groene reststromen: toekomstbeeld 

En nu? De toekomst lijkt er een te zijn van maatwerk. Op GFT kan een levenscyclusanalyse (LCA) worden uitgevoerd. Zo wordt de volledige impact van deze reststroom op het milieu in kaart gebracht. Jan Hekman is de oprichter van ingenieurs- en adviesbureau Ecoconsult GMM en specialist op het gebied van openbare ruimte en groen. Hij ziet tal van mogelijkheden om beter zicht te krijgen op groene reststromen: ‘Je moet de afvalstromen eerst goed in beeld brengen en analyseren, voor je een oplossing kunt kiezen met meerwaarde op de lange termijn’. 

Accurate LCA-berekeningen kunnen gemeenten in de goede, meest efficiënte én duurzame richting laten bewegen. Naar een combinatie van methoden, een cascadering van verschillende technieken. Dit houdt in dat de componenten van reststromen zodanig worden verwerkt dat de hoogst mogelijke duurzame opbrengst wordt behaald en gezondheidsrisico’s worden vermeden. Daarin zijn kleine initiatieven en gemeentelijke inzameling en verwerking geen concurrenten, maar juist een aanvulling op elkaar, afgestemd op de situatie en omstandigheden. 

Wat kunnen we leren van onze zuiderburen?

Waar thuiscomposteren in Nederland nog in de kinderschoenen staat, is dit in Belgie een heel normale zaak. Een groot aandeel van de gemeenten daar faciliteert haar inwoners Groente-, Fruit- en Tuinafval zelf te verwerken tot compost. Daartoe is het mogelijk om kennis in te winnen bij de zogenoemde ‘compostmeester’, een met belastinggeld gefinancierde functie. In Nederland is dit initiatief overgenomen en bestaat nu een organisatie van vrijwilligers die deze zelfde functie vervult. Het uitgangspunt is dat verwerken op locatie aanzienlijke winst oplevert, gekeken naar de uitstoot van CO2 in het verwerkingsproces. 

Van onze partner, Stadswerk Magazine (nummer 9, 2020). Tekst: Marcelle Verhoeven, Koninklijke Vereniging Stadswerk Nederland


Bekijk ook deze items