terug

Drie gebiedsontwikkelaars geven kijk op nieuwe openbare ruimte

Stel, je krijgt de kans om nieuwe openbare ruimte te ontwerpen, met alle technieken, inzichten en toekomstverwachtingen die we nu hebben. Waar kom je dan op uit? We leggen het voor aan drie gebiedsontwikkelaars: Rob Gerritsjans (Janssen de Jong Projectontwikkeling), Marten ter Haar (Van Wijnen Projectontwikkeling) & Ellis Kienhuis (Heijmans Vastgoed). Zij zijn immers belangrijke vormgevers van de openbare ruimte die we nu bedenken en realiseren. 

Hoe zie jij de plek en rol van de openbare ruimte in nieuwe woongebieden? 

Rob: 
De openbare ruimte in nieuwe woongebieden speelt een significante rol bij diverse actuele thema’s. Het thema klimaatadaptatie, in de vorm van neerslagextremen en hittestress, kan bijvoorbeeld goed aangepakt worden door slim te ontwerpen. Regenwater kan worden gebufferd en geborgen in het nieuwe openbare gebied, en ter plekke geïnfiltreerd in de bodem. Dit voorkomt verdroging van het gebied en wateroverlast bij regenbuien. 

Een ander voorbeeld: het toepassen van bomen beperkt hittestress in het openbare gebied en bij de woningen. Het bijkomende voordeel van waterinfiltratie (in bijvoorbeeld wadi’s) en het planten van nieuwe bomen is dat hiermee de biodiversiteit van het gebied versterkt wordt. De keuze van toe te passen bomen en hoe deze bomen geplant worden is daarbij erg belangrijk. Bomen in clusters en inheemse boomsoorten dragen bijvoorbeeld goed bij aan de biodiversiteit. Daarnaast kan in het openbare gebied en middels voorzieningen in en aan de woningen (zoals nestkastjes) de natuurinclusiviteit worden bevorderd. Zodoende krijgen vogels, vleermuizen en egels een fijne plek in het nieuw aangelegde gebied. 


Professional in de openbare ruimte? Dan lees je Stadswerk Magazine!


De energietransitie vraagt eveneens om een ‘plek’ in nieuwe woongebieden. Het toepassen van zonnepanelen in combinatie met daaronder gelegen sedumdaken is een technische oplossing die bijdraagt aan opwekking van energie en de biodiversiteit verbetert. Daarnaast gaat de buurtbatterij naar verwachting een grotere rol spelen. Met het ontwerpen van het openbare gebied zal hiermee rekening moeten worden gehouden. 

Marten: 
Veel thema’s die relevant zijn in het vormgeven van nieuwe woongebieden hangen samen met de inrichting en vormgeving van de openbare ruimte in het gebied. Het gaat dan om thema’s als klimaatadaptatie, natuurinclusiviteit, biodiversiteit, ruimtelijke kwaliteit, gezondheid, sociale cohesie, (deel)mobiliteit en de energietransitie. De openbare ruimte kan met haar inrichting en vormgeving op al deze thema’s een positieve, maar ook een negatieve impact hebben. Daarom is een integrale benadering en afweging van deze thema’s bij het ontwerpen van nieuwe woongebieden (en ook de openbare ruimte daarin) erg belangrijk. 

Ellis: 
Onze ambitie is het creëren van een gezonde leefomgeving. Dit doen we door duurzaam te bouwen en de kwaliteit van de natuurlijke omgeving te behouden en te verbeteren. We willen onze kennis en ervaring op het gebied van ecologie en waterbeheer inzetten op alle plekken waar wij ontwikkelen en bouwen, zowel in nieuw te ontwikkelen als bestaande gebieden. Dit doen we omdat we ons ervan bewust zijn dat we Nederland moeten beschermen tegen wateroverlast, hitte en droogte. Maar vooral ook omdat we bewoners een gezonde plek kunnen bieden. 

We ontwikkelen zodoende ‘blauw, groen en veilig’ en formuleren hierbij concrete doelen. Vanaf 2021 scoren al onze gebiedsontwikkelingen een NL Greenlabel- score A en in 2023 leiden al onze ingrepen in de gebouwde omgeving tot een verbetering van de plaatselijke biodiversiteit, klimaatadaptatie en veiligheid. 

Hoe komen grote opgaven zoals klimaatadaptatie en energietransitie concreet terug in de inrichting en het ontwerp van de nieuwe openbare ruimte? 

Marten: 
Een openbare ruimte zonder open (wadi’s) of gesloten waterberging is niet meer voor te stellen. Voor het beplanten van openbare ruimte kijken we steeds beter naar de aanwezige waarden in het gebied: welke inheemse bomen en planten zijn er in het gebied en hoe kunnen we biodiversiteit stimuleren met de keuzes die we maken in het beplanten? Om een groene en gezonde leefomgeving te creëren, wordt de natuur een steeds prominentere waarde in ons openbare gebied. In plaats van de auto voor de deur en waar ruimte is nog een beetje groen, zien we steeds vaker plannen waarbij mensen wonen in een parkachtige setting en waar auto’s verder van de woning ergens achter of onder komen te staan. 

Ellis: 
We gaan steeds meer uit van ‘klimaatadaptief ontwikkelen’: bewust omgaan met natuur en deze zoveel mogelijk in stand houden of verbeteren, in én rondom onze ontwikkelingsopgaven. Dit geeft als resultaat dat er voor de natuur en bewoners een prettige en gezonde(re) leefomgeving ontstaat. Borg & Buiten, onderdeel van de gebiedsontwikkeling Parijsch in Culemborg is hiervan een mooi voorbeeld (zie ook elders in dit artikel). 

We besteden in onze ontwerpen ook nadrukkelijk aandacht aan de ontwikkeling, realisatie en exploitatie van duurzame energiesystemen. We kijken daarbij vanuit de eindgebruiker. Een duurzamer  energiesysteem kan bijdragen aan een smart grid voor een wijk of gebied en daarmee aan de energietransitie.

Foto: Ceescamel, CC BY-SA 4.0, via Wikimedia Commons

Door het bouwen van onze zogeheten Horizon conceptwoningen dragen we bij aan een kleinere CO2-voetafdruk over de gehele circulaire levensduur van de woning. Bovendien wordt alle energie die nodig is voor de installaties in de woning opgewekt door zonnepanelen op het dak. Het Culemborgse plan Parijsch is een mooi voorbeeld van een gebiedsontwikkeling waarin we dit concept toepassen. 

Welk plan geeft het beste jullie opvattingen over nieuwe openbare ruimte weer en waarom? 

Rob: 
In ons plan in Colmschate (Deventer) is veel ruimte voorzien voor groen, zijn de woonstraten autoluw (parkeren wordt aan de rand gerealiseerd) en is sprake van hoge waterinfiltratie- en bufferingsnormen. 

Marten: 
In Nijmegen ontwierpen we het plan Kops Kwartier, waarbij de woningen harmonieus in het landschap passen. Ze staan letterlijk in het groen. Het gemeenschappelijke park biedt volop ruimte om elkaar te ontmoeten. Daarnaast kozen we voor diverse klimaatadaptieve oplossingen. Zo zijn er groendaken en wadi’s die het regenwater bufferen en zijn de sloopresten van de voormalige school verwerkt in zogeheten keermuurtjes, die hoogteverschil overbruggen. De steenbrokken worden gestort in schanskorven; een perfecte biotoop voor bijvoorbeeld insecten, egels en varentjes. Het geheel wordt omzoomd door bomen, planten en struiken. Tussen de woningen worden bloeiende bomen en heesters aangeplant. De beplanting is speciaal gekozen voor het aantrekken van vlinders en hommels. En met ingebouwde nestkasten in de gevels van de woningen is er volop aandacht voor de vogels. Een mooi voorbeeld van natuurinclusief bouwen en de wijze waarop relevante thema’s van invloed zijn op de inrichting van openbare ruimte. 

Ellis: 
In het plan Borg & Buiten in de wijk Parijsch in Culemborg geven we minder ruimte aan auto’s. We passen een lagere parkeernorm toe, clusteren auto’s in mobiliteitshubs en zetten in op deelmobiliteit door deelauto’s te faciliteren. Hiermee creëren we meer plek voor ruimtelijke kwaliteit, zoals ruimte voor groen en blauw, ontmoetingen en speelruimte voor kinderen. Er is ook veel oog voor de dieren en planten die hier leven en straks komen. Er komen plas-dras oevers voor kikkers en salamanders en er is een paddenpoel gegraven, waar veel (beschermde) rugstreeppadden in zitten. 

In het gebied komt ook een openbaar park, dat als het ware dwars door de wijk meandert. Maar niet alleen in de wijk, ook rondom de wijk wordt rekening gehouden met natuur. Een gebied landbouwgrond van 4 hectare, verbonden aan de wijk Borg & Buiten, wordt als onderdeel van het plan omgevormd tot natuurgebied en is straks toegankelijk voor bewoners als recreatieplek. Er wordt een strook ruige natuur aangelegd die de biodiversiteit bovendien aanzienlijk zal gaan bevorderen.

Van onze partner, Stadswerk Magazine (nummer 7, 2023). Tekst: Michiel G.J. Smit, Redactie Stadswerk Magazine

Foto bovenaan: Spotter2, CC BY-SA 4.0, via Wikimedia Commons


Bekijk ook deze items