terug

Grote steden kampen met toenemende parkeerdruk

In de meeste grote steden in Nederland zijn te weinig parkeerplekken. Dit blijkt uit een rondvraag van de NOS onder de 25 grootste gemeenten. Naast Amsterdam, Utrecht en Rotterdam, kampen ook steden als Eindhoven, Dordrecht, Tilburg en Leeuwarden met een groeiende parkeerdruk.

Een van de oorzaken van het parkeerprobleem is het toenemende aantal auto’s. Volgens het CBS telde Nederland op 1 januari dit jaar bijna 9 miljoen auto’s, 400.000 meer dan vier jaar geleden. Brancheorganisatie BOVAG verwacht dat er komend jaar nog eens 360.000 nieuwe voertuigen bij komen, al zullen er in dezelfde periode ook bestaande auto’s worden gesloopt of geëxporteerd.

In de grote steden wordt het steeds lastiger om plek te vinden voor al deze voertuigen. Om de parkeerdruk tegen te gaan, kiezen veel van de 25 geraadpleegde gemeenten ervoor om de zones met betaald parkeren uit te breiden. In de praktijk leidt dit echter vak tot het zogenaamde ‘waterbedeffect’: veel geparkeerde voertuigen wijken uit naar gebieden die net buiten de zone betaald parkeren liggen. Hierdoor neemt de parkeeroverlast in deze wijken dan juist weer toe. Met als resultaat dat op deze nieuwe overlastlocaties vervolgens ook weer betaald parkeren wordt ingevoerd.

Andere oplossingen

Naast betaald parkeren werken de geraadpleegde gemeenten nog met andere middelen om het parkeerprobleem op te lossen. Utrecht en Tilburg geven bijvoorbeeld geen tweede parkeervergunningen meer uit, en Breda en Amsterdam proberen bewoners in bepaalde wijken door te sluizen naar parkeergarages, als alternatief voor parkeren voor de deur.


Op de hoogte blijven van het laatste nieuws over de openbare ruimte?


Planoloog Jeroen Niemans verklaart tegenover de NOS dat ook deelmobiliteit aan de oplossing zou kunnen bijdragen. Hierbij worden auto’s fietsen en bakfietsen door wijkbewoners gedeeld, om zo het totaal aantal voertuigen terug te brengen. Maar dan moet dit wel uitvoerbaar zijn. Zo lenen nieuwbouwwijken zich hier bijvoorbeeld beter voor dan wijken uit de jaren zestig en zeventig, die meer op auto’s zijn ingericht. Niemans: “Maatregelen tegen parkeerdruk kunnen niet los staan van het bieden van alternatieven. Dus als je minder parkeerplaatsen wil, en inwoners wil bewegen tot minder auto’s moet je een alternatief bieden.


Bekijk ook deze items